Vragen
Omdat u een blaasspoeling ondergaat, vragen wij u de volgende vragen over de MRSA/BMRO bacterie te beantwoorden. Wij verzoeken u contact op te nemen met het secretariaat van de polikliniek Urologie, indien u één van deze vragen met 'ja' beantwoordt.
- Bent u bekend als drager van MRSA of een andere BRMO?
- Bent u de afgelopen 2 maanden behandeld of opgenomen in een buitenlandse zorginstelling?
- Woont of werkt u op een bedrijf met levende vleeskalveren, varkens of vleeskuikens?
- Bent u de afgelopen 2 maanden in een asielzoekerscentrum of vluchtelingenopvang verbleven?
- Bent u partner, huisgenoot of verzorger van iemand die drager is van MRSA?
- Bent u recent in een instelling geweest met een bekende MRSA/BRMO-uitbraak?
Blaasspoelingen
Onlangs zijn er uit uw blaas één of meerdere kleine tumoren verwijderd. De verwijderde weefsels zijn naar de patholoog gestuurd voor verder onderzoek en uit het pathologisch onderzoek is gebleken dat het gaat om niet-spierinvasieve blaaskanker.
Blaaskanker komt bij meer dan de helft van de patiënten terug. Om de kans op terugkeer te verkleinen, wordt u behandeld met blaasspoelingen.
De uroloog heeft bepaald dat uw blaas behandeld moet worden met BCG spoelingen. De werking van BCG (bacillus Calmette-Guérin) blaasspoelingen berust op immunotherapie. BCG roept een lokale afweerreactie op tegen de tumorcellen. De werkzame stof is BCG, dit is een verzwakte tbc-bacterie. Het is klinisch bewezen dat BCG therapie het risico op de terugkeer of uitbreiding van het type blaastumor wat u heeft verkleind.
U moet eerst herstellen van de operatie. Als u de urine goed kunt ophouden, en u plast geen bloed meer, kunt u starten met de blaasspoelingen. Meestal is dit 3 à 4 weken na de operatie.
De oncologieverpleegkundige plant samen met u de blaasspoelingen in.
Hoe gaat een blaasspoeling?
Voorbereiding
Op de dag van de spoeling is het belangrijk dat u zo weinig mogelijk drinkt. Dit houdt in dat u 4 uur voorafgaand aan de blaasspoeling uw vochtinname beperkt. Dit is om de spoeling goed op te kunnen houden en verdunning van de blaasspoeling met urine zoveel mogelijk te voorkomen. Als u vocht afdrijvende medicijnen gebruikt wordt u geadviseerd deze twee uur na de spoeling te nemen.
Zorg dat u een koortsthermometer in huis heeft.
Neem contact op met de poli als u in de dagen voor de spoeling:
- Vaak moet plassen
- De urine slecht kunt ophouden
- Bloed plast
- Als u ziek bent of koorts heeft
Toedienen van de spoeling
U meldt zich op de afgesproken tijd bij de balie van de polikliniek Urologie en neemt plaats in de wachtkamer. U wordt opgeroepen door de verpleegkundige die u meeneemt naar de behandelkamer. Zij zal eerst met u in gesprek gaan over eventuele vragen of klachten. Hierna kan de spoeling gegeven worden.
De verpleegkundige brengt een katheter in de blaas en laat de urine die nog in de blaas zit aflopen. Hierna wordt de spoeling via de katheter toegediend. Vervolgens wordt de katheter verwijderd en blijft de spoeling achter in de blaas. U moet nu proberen het medicijn twee uur in de blaas te houden.
Na de toediening kunt u naar huis gaan. Thuisgekomen is het verstandig om het twee uur rustig aan te doen door bijvoorbeeld op de bank of op bed te gaan liggen. Waarschijnlijk kunt u zo gemakkelijker de spoeling ophouden.
Indien u moeite heeft met het ophouden van de urine overleg dan met de verpleegkundige.
Nazorg
Plas de BCG blaasspoeling na twee uren inwerking uit. Langer ophouden dan 2 uren is niet wenselijk.
Als u de spoeling korter dan 1,5 uur heeft opgehouden, neem dan telefonisch contact op met de polikliniek Urologie.
Leefregels
Na het toedienden van de spoeling is de urine 6 dagen lang besmet met BCG. Het is daarom belangrijk om u aan de volgende hygiëne maatregelen te houden:
- Mannen moeten de vloeistof zittend uitplassen.
- Vermijd huidcontact met de vloeistof. Was na het plassen het geslacht met veel water. Bij huidcontact de huid reinigen met veel water. Gebruik bij voorkeur de douchekop.
- Na het uitplassen van de spoeling spoelt u tweemaal het toilet door met gesloten deksel. Hierna spoelt u nogmaals het toilet door met een scheutje chloor.
- De rest van de dag trekt u na het toiletgebruik twee maal door met gesloten deksel.
- Als u urine morst buiten het toilet reinigt u de omgeving goed met een chlooroplossing.
- Drink extra veel na het uitplassen van de BCG.
- Besmette kleding en ondergoed kunnen met een koud voorwas programma gewassen worden. Daarna kan de kleding en het linnengoed normaal gewassen worden samen met uw andere was.
- Naast huishoudelijke maatregelen en normale hygiëne hoeven er geen extra voorzorgsmaatregelen te worden genomen voor kinderen of volwassenen in uw omgeving.
- Gebruik tot 7 dagen na de laatste spoeling een condoom bij geslachtsgemeenschap om je partner te beschermen tegen het BCG middel.
Bijwerkingen
De meeste patiënten verdragen blaasspoelingen goed. Bijwerkingen die meestal optreden zijn klachten van de blaas zoals:
- Frequente aandrang om te plassen
- Pijnlijk of branderig gevoel in de blaas en plasbuis
- Moeite met ophouden van de urine
- Bloed of weefseldeeltjes bij de urine.
- Koorts, koude rilling, spierpijn, griepgevoel.
Griepachtige verschijnselen zoals koorts en algehele malaise duren meestal 24 - 48 uur en kunnen eventueel behandeld worden met Paracetamol of een NSAID (zoals ibuprofen).
In de meeste gevallen verdwijnen de verschijnselen de dag na de spoeling. Indien u veel last heeft van bijwerkingen kunt u deze met de oncologie verpleegkundige bespreken.
Wanneer u koorts krijgt na het toedienen van de BCG (>38) en na inname van paracetamol en is de koorts na 24 uur nog niet verdwenen is, neem dan contact op met de poli urologie voor overleg.
Neem ook contact op als u boven de 39 graden koorts heeft gehad ook al is deze de ochtend nadien weer normaal.
Schema van de BCG-behandeling
De gehele behandeling bestaat uit een totaal van 27 blaasspoelingen, verdeeld over een periode van 3 jaar. Het doel van deze behandeling is om het risico op terugkeer van blaaskanker te verminderen.
Inductiefase
De behandeling begint met de inductiefase. Dit houdt in dat u 6 keer een wekelijkse blaasspoeling krijgt.
Blaasbiopten
Na de inductieperiode worden er (in de meeste gevallen) opnieuw blaasbiopten afgenomen op de OK om na te gaan of de behandeling aanslaat. De biopten worden onderzocht door de patholoog en twee weken na de operatie komt u terug bij de uroloog voor het bespreken van de uitslag.
- Als de uitslag goed is, dat wil zeggen; er is geen blaaskanker meer gevonden in de biopten, dan komt u in de vervolgfase van de behandeling, de onderhoudsfase.
- Als blijkt dat er in de biopten toch nog blaaskanker te vinden is kan herhaling van de inductiefase nodig zijn.
Onderhoudsfase:
Elke serie van de onderhoudsfase bestaat uit 3 spoelingen. U krijgt dan 3 weken achterelkaar een blaasspoeling.
De onderhoudsfase bestaat uit:
- 2 series van 3 spoelingen met een tussenpose van 3 maanden.
- Vervolgens 5 series van 3 spoelingen met tussenposen van 6 maanden
Controle
Naast de spoelingen blijft u meerdere jaren onder urologische controle waarbij regelmatig een blaasonderzoek wordt verricht. In principe gaan de afspraken volgens het schema, tenzij uw uroloog anders beslist.
- 1e jaar eens per 3 maanden,
- 2e jaar eens per 4 maanden,
- 3e jaar eens per 6 maanden,
- vervolgens jaarlijks.
Tot slot
Deze brochure is een algemene voorlichting en is bedoeld als extra informatie naast het gesprek met uw behandelend arts. Heeft u vragen hierover? Stel ze in de BeterDichtbij app. Kan het niet wachten? Bel dan op werkdagen naar de polikliniek Urologie (0512) 588 811.
Interessante websites
www.blaasofnierkanker.nl - Vereniging voor mensen met blaas- of nierkanker brengt lotgenoten met elkaar in contact, informeert over blaas- en nierkanker, en behartigt de belangen van mensen die met deze vormen van kanker te maken hebben.
www.allesoverurologie.nl - De patiëntensite van de Nederlandse Vereniging voor Urologie.
www.nijsmellinghe.nl - De website van ziekenhuis Nij Smellinghe.
Download PDF