Spring naar inhoud

Ter voorbereiding op uw bezoek leest u hier de actuele informatie en basisadviezen rondom het Coronavirus: www.nijsmellinghe.nl/corona.

Spataderoperatie

Wat zijn spataders?

Door het hele lichaam stroomt bloed. In de benen stroomt het bloed naar beneden met zuurstof. Dit bloed gaat ook weer terug ‘omhoog’ naar het hart en de longen. Het bloed in de benen gaat omhoog door oppervlakkige en diepe aders. In oppervlakkige aders kunnen spataders ontstaan. Spataders zijn verwijde oppervlakkige aders. Ze ontstaan meestal doordat kleppen die in de aders aanwezig zijn, gaan lekken. Deze kleppen zitten in de aders om het bloed de goede kant op (naar het hart toe) te laten stromen. Bij spataders ontstaat door de lekkage een te hoge druk. De aders zetten daardoor uit en gaan kronkelen. Door de hoge druk kunnen er klachten ontstaan zoals een vermoeid gevoel in de benen.

De behandeling

De behandeling bestaat uit het dragen van een elastische kous, het wegspuiten van de spataders of een operatieve behandeling. Elastische kousen zijn een goede behandeling, het nadeel is dat ze altijd gedragen moeten worden. Bij kleine spataders met weinig lekkage kan het worden weggespoten.
Bij ernstigere lekkage leidt spuiten alleen tot snel terugkomen van de spataders. In die gevallen moet de oorzaak van de spataders (de lekke kleppen) eerst verholpen worden door een operatie. Daarna worden de overgebleven spataders weggespoten.

De operatie

De belangrijkste typen operaties zijn:

Het onderbinden van een lekke klep


De lekke kleppen worden voor de operatie aangetekend door de huidarts met geluidsapparatuur. Zo is tijdens de operatie precies bekend waar ze liggen. Via een snee van ± 5 cm wordt het stuk ader met de lekke klep onderbonden. Als de kleppen niet te diep liggen, wordt de operatie onder plaatselijke verdoving uitgevoerd. Liggen de kleppen dieper, dan krijgt de patiënt een ruggenprik. Meestal mag men dezelfde dag naar huis.
 

Het weghalen van de hele ader, ook wel ‘strippen’ genoemd


Zijn er in een ader meerdere lekke kleppen, dan wordt de ader volledig verwijderd. Dit wordt ‘strippen’ genoemd. Eerst aantekenen met geluidsgolven is meestal niet nodig. De verdoving tijdens de operatie gebeurt door een ruggenprik. Meestal mag men dezelfde dag naar huis.
 

Gevolgen van de operatie

De verwijderde ader of onderbonden lekke klep kunt u zonder probleem missen. Deze ader werkte voor de operatie ook al niet goed (het bloed stroomde vaak de verkeerde kant op). Er blijven meer dan genoeg andere aders over om het bloed te transporteren.

Na een stripoperatie is het normaal dat het been ongeveer 14 dagen blauw is door een bloeduitstorting. In deze periode is het been ook gevoelig. Het onderbinden van lekke kleppen geeft behalve wondpijn meestal weinig hinder.

Complicaties

Na spataderoperaties komen weinig complicaties voor. Toch is het goed ze te noemen:

  • een doof gebied op het geopereerde been. Dit komt omdat kleine gevoelszenuwtjes vaak met de aders meelopen en beschadigd kunnen worden. Dit beschadigen is niet altijd te voorkomen omdat deze zenuwtjes erg klein zijn. Deze zenuwbeschadigingen hebben geen nadelig gevolg.
  • roodheid en pijn bij een spatader. Door de operatie is de doorstroming van de spataders verminderd. Hierdoor kan er een stolsel ontstaan in een spatader. Dit is pijnlijk en geeft het beeld van een ontsteking. Maar het kan geen kwaad. Dit is wat anders dan een trombosebeen (daarbij zijn stolsels ontstaan in de diepe ader)
  • nabloeding en infectie (komen bijna nooit voor).

Adviezen na de operatie

  • Het is verstandig de witte kousen die u voor de operatie krijgt, gedurende één week dag en nacht te dragen en vervolgens 2 weken overdag.
  • Na de operatie mag u direct lopen. Regelmatig lopen is zelfs goed.
  • Vermijd lang stilstaan in de eerste weken.
  • De eerste week is het goed de benen omhoog te leggen als u zit.
  • Na 2 dagen mag u weer douchen.
  • Bij pijn thuis mag u 4x per dag een tablet paracetamol innemen.
  • Als de pijn is afgenomen kunt in principe uw werk weer hervatten.
  • Na ongeveer een week krijgt u een afspraak voor wondcontrole en het verwijderen van de hechtingen op de polikliniek chirurgie.
  • Na 1-3 weken wordt gestart met het wegspuiten van de overgebleven spataders. U krijgt hiervoor een afspraak met de huidarts mee.

Als u complicaties heeft na ontslag uit het ziekenhuis, neem dan contact op met de Spoedeisende Hulp van het ziekenhuis, tel. (0512) 588 888.

Download PDF