Spring naar inhoud

Ter voorbereiding op uw bezoek leest u hier de actuele informatie en basisadviezen rondom het Coronavirus: www.nijsmellinghe.nl/corona.

Dunne darmkanker

Dunne darmkanker is een weinig voorkomende vorm van kanker. Ieder jaar krijgen zo’n 400 mensen in Nederland deze diagnose. Dunne darmkanker komt iets vaker voor bij mannen dan bij vrouwen. De gemiddelde leeftijd waarop dunne darmkanker wordt ontdekt, is 60 jaar.

In ongeveer de helft van alle gevallen van dunne darmkanker gaat het om een adenocarcinoom. Dat is een tumor die ontstaat uit klierweefsel. Adenocarcinomen ontstaan vooral in het eerste deel van de dunne darm: de twaalfvingerige darm (duodenum). Iets minder vaak komen adenocarcinomen voor in de nuchtere darm (jejunum).

Bijzondere vormen

In enkele gevallen is er sprake van een Neuro-Endocrine tumor (NET). NET is een zeldzame aandoening waarbij tumoren op verschillende plekken in uw lichaam kunnen ontstaan. Eén van die plekken is de dunne darm.

Daarnaast bestaan er ook zeldzame tumoren die ontstaan in het steunweefsel in uw dunne darm: de zogenoemde sarcomen. Deze kunnen in uw gehele dunne darm voorkomen. Onder deze sarcomen vallen ook de Gastro Intestinale Stroma Tumoren (GIST).

Oorzaak

De precieze oorzaak van dunne darmkanker is onduidelijk. Wel zijn er risicofactoren bekend, die waarschijnlijk de kans op dunne darmkanker verhogen.

De risicofactoren voor dunne darmkanker:

  • Voeding
    Een hoge consumptie van rood vlees, dierlijk vet en bewerkte vleessoorten, zoals vleeswaren en worst, zou de kans op dunne darmkanker verhogen. Een lage consumptie van groente en fruit lijkt ook een risicofactor voor het ontstaan van dunne darmkanker.
  • Roken en alcohol
    Roken en alcoholgebruik zijn risicofactoren voor het ontstaan van dunne darmkanker.
  • Aandoeningen van de dunne darm
    Deze aandoeningen, zoals de ziekte van Crohn en coeliakie, lijken de kans op dunne darmkanker te vergroten.

Dunne darmkanker kan erfelijk zijn. In dat geval is er sprake van een erfelijke vorm van kanker, waarbij ook kanker in de dunne darm kan ontstaan. Voorbeelden zijn het Lynch syndroom (HNPCC) en Familiaire Adenomateuze Polyposis (FAP).

Klachten

De klachten bij dunne darmkanker zijn vaak vaag of onduidelijk. Hierdoor duurt het meestal enige tijd voordat we de diagnose ‘dunne darmkanker’ kunnen stellen. Soms zelfs als de kanker al is uitgezaaid. Bij dunne darmkanker komen uitzaaiingen naar de longen, de lever en de botten het meeste voor.

De meest voorkomende klachten bij dunne darmkanker:

  • Misselijkheid
  • Braken
  • Onverklaarbaar gewichtsverlies
  • Langdurig bloedverlies

Langdurig bloedverlies kan een belangrijke aanwijzing van dunne darmkanker zijn. Bloedverlies uit de dunne darm merkt u niet altijd op. Dit komt omdat bloed uit uw dunne darm zich vermengt met de ontlasting en dus niet altijd zichtbaar is. Bloedverlies merkt u daarom vaak op door bloedarmoede (na bloedonderzoek) en de klachten die daardoor ontstaan, zoals een slap gevoel, bleekheid en moeheid.

Onderzoeken

De diagnose dunne darmkanker kunnen we stellen door middel van verschillende onderzoeken. Een tumor in de dunne darm sporen we meestal op door middel een kijkonderzoek, een gastroscopie of een single- dan wel een dubbelballon endoscopie.

Ook de videocapsule-endoscopie is een onderzoek waarbij de arts de binnenkant van uw maagdarmkanaal kan bekijken. De arts voert het onderzoek uit met behulp van een heel kleine camera die in een capsule is ingebouwd.

Door beeldvormend onderzoek, zoals een CT-scan of MRI-scan, kunnen we tumoren in de dunne darm zichtbaar maken. Soms moet u voor de scan contrastvloeistof drinken. Zo kunnen we uw maag en darmen duidelijk in beeld brengen. Een nadeel van dit beeldvormend onderzoek is dat het niet mogelijk is om een biopt te nemen. Daardoor kan de arts in veel gevallen niet met zekerheid vaststellen of het om een goedaardige of kwaadaardige tumor gaat. Door middel van een CT-scan en/of een MRI-scan kan de arts wel vaststellen of er sprake is van uitzaaiingen.

Behandelingen

Een operatie is de behandeling van eerste keus. Bij de operatie verwijdert de chirurg de tumor en ook het omliggende weefsel. In sommige gevallen is het noodzakelijk om (delen van) omliggende organen te verwijderen wanneer de tumor daar is ingegroeid. Ook eventuele uitzaaiingen zal de chirurg, als dit mogelijk is, operatief verwijderen.

Tijdens de operatie verwijdert de chirurg het deel van uw dunne darm met de tumor. De resterende delen van uw dunne darm hecht de chirurg aan elkaar, om de verbinding te herstellen.

Uw dunne darm is ongeveer vijf meter lang. U kunt een deel van uw dunne darm best missen. De rest van uw dunne darm zal de taken overnemen. Afhankelijk van de plaats van de tumor en van het deel dat verwijderd wordt, kunt u klachten krijgen. De chirurg zal u hierover informeren.

Een operatie is de enige behandeling bij dunne darmkanker waarvan het nut wetenschappelijk is bewezen. In sommige gevallen passen we chemotherapie of bestraling toe als (aanvullende) behandeling. Het effect van deze behandelingen is echter nog onduidelijk.

Doorverwijzen

Als de tumor in het bovenste gedeelte van uw dunne darm (de twaalfvingerige darm) ligt, sturen we u door naar een ander ziekenhuis, zoals De Tjongerschans in Heerenveen of het Universitair Medisch Centrum in Groningen. Als de tumor in het middelste of onderste gedeelte van uw dunne darm zit, kunt u voor de operatie ook terecht in Nij Smellinghe.

Voor bestraling verwijzen we u naar onze collega’s van het RIF in Leeuwarden. Voor chemotherapie of het plaatsen van een stent (metalen buis), kunt u ook terecht in Nij Smellinghe.

Contact

Heeft u vragen? Dan kunt u contact opnemen met de polikliniek Maag-, darm- en leverziekten.

Meer informatie

Meer informatie over dunne darmkankervindt u op www.mlds.nl en www.kanker.nl.