In het kort
Scaphoïd fractuur
In uw pols zitten meerdere handwortelbotjes. Eén hiervan noemen we het scaphoïd. Dit botje is bij u gebroken. Een scaphoïdfractuur wordt ook wel een breuk van het scheepsvormig handwortelbotje genoemd. Het herstel van een breuk in het scaphoïd duurt vaak langer dan dat van andere botten in de hand en de pols, omdat de doorbloeding van het scaphoïd kwetsbaar is.
Om de breuk goed te laten genezen krijgt u minimaal zes weken gips om uw onderarm. Daarna wordt er een röntgenfoto gemaakt. Als de breuk dan nog niet goed is hersteld, kan het zijn dat u nog een aantal weken gips krijgt. Het herstel kan drie maanden of soms wel maanden langer duren.
Als de breuk niet wil genezen of van een oudere datum is, kan een operatie nodig zijn. De arts zet de breuk dan vast met een schroef of een plaat. Na de operatie krijgt u gips om uw onderarm.
Roken zal het genezingsproces belemmeren.
Oorzaken
Een scaphoïdfractuur ontstaat meestal door een val op een uitgestrekte hand.
Klachten
Bij een scaphoïdfractuur kunt u de volgende klachten ervaren:
Pijn aan de duimkant van uw pols
Minder kracht of beweging in uw pols
Pijn in het kuiltje, ook wel "snuifdoos" genoemd, tussen de pezen bij uw pols
Onderzoek
Er kan een röntgenfoto, CT-scan of MRI-scan gemaakt worden.
Als er een sterke verdenking bestaat op een scaphoïdfractuur, zelfs als de foto normaal lijkt te zijn, krijgt u gips.
Na zeven tot tien dagen wordt het lichamelijke onderzoek herhaald.
Bij twijfel kan dan een CT-scan gemaakt worden.
Voorbereiding operatie

Nuchter zijn
Voor deze operatie is het belangrijk dat u nuchter bent. Dat betekent dat u vanaf een bepaald tijdstip niet meer mag eten en drinken. Uw zorgverlener geeft u hierover meer informatie.
Vervoer

Neem iemand mee die u naar huis kan brengen. U mag na de behandeling niet zelf naar huis rijden.
Dag van de opname

Medicijnen
Gebruikt u medicijnen? Neem deze dan in de originele verpakking mee naar het pre-operatieve spreekuur van de anesthesie. Als u wordt opgenomen neemt u alleen uw eigen medicatie mee naar het ziekenhuis.

Geldig legitimatiebewijs
Neem een geldig legitimatiebewijs mee. Bijvoorbeeld een identiteitskaart, rijbewijs of paspoort.
Melden in het ziekenhuis
Op de dag van de operatie gaat u naar het ziekenhuis. In de afsprakenbrief staat waar u wordt verwacht en hoe laat u hier moet zijn.
Naar de operatiekamer
U trekt een operatiejasje van het ziekenhuis aan. Daarna brengt een zorgverlener u naar de operatieafdeling.
Verdoving
Voor de operatie krijgt u een verdoving. Dit gebeurt in de voorbereidingsruimte.
Meestal verdooft de anesthesist een zenuw, zodat u geen pijn voelt in dat gebied. Dit heet een zenuwblokkade. U krijgt hiervoor een prik bij uw sleutelbeen of oksel. Deze verdoving is vaak binnen 12 tot 24 uur uitgewerkt. De ingreep kan ook onder narcose worden uitgevoerd. Dit is met u besproken tijdens het bezoek aan de anesthesist.
De operatieve behandeling
Verschillende behandelingen
Gips - de breuk heelt dan vanzelf
Operatie - als de breuk niet vanzelf heelt of bij een complexe breuk
Pseudo-artrose - bij een oude breuk

Duur van de behandeling
De operatie duurt ongeveer één uur. De pseudo-artrose behandeling duurt ongeveer 1,5 uur.
Uitslaapkamer
Na de operatie gaat u naar de uitslaapkamer. Hier wordt u goed in de gaten gehouden. Als u zich goed voelt, mag u in principe dezelfde dag weer naar huis.
Na de operatie

Pijnstilling
Na de operatie mag u pijnstillers gebruiken. Uw anesthesist geeft hier meer informatie over op het preoperatieve spreekuur.
Hechtingen
De arts hecht de wond in principe met oplosbare hechtingen. Deze hoeven niet te worden verwijderd.
Gips
De operateur bepaalt hoe lang u na de operatie gips om uw onderarm krijgt. Dit hoort u meestal pas na afloop van de operatie.
Douchen
Het gips dat u om uw arm krijgt, moet droog blijven. U kunt het gips afdekken met een speciale douchehoes of een plastic zak als u wilt douchen.
Brace en handtherapie
Als het gips af is, krijgt u soms een afneembare brace. Soms krijgt u ook een verwijzing voor handtherapie mee. De brace draagt u tot de breuk genezen is.
Revalidatie
De revalidatie duurt gemiddeld 3 tot 4 maanden. Na 6 tot 12 weken kunt u meestal weer aan het werk. Dit hangt af van het soort werk dat u doet.
Arm hooghouden
Na de operatie krijgt u een sling (draagband) voor uw arm. Deze zorgt ervoor dat u uw hand goed hoog houdt. Dit voorkomt pijn. En het zorgt dat u sneller geneest. Wanneer u merkt dat de zwelling afneemt, mag u de sling af doen. U mag uw arm en hand gewoon gebruiken bij lichte activiteiten, zoals schrijven, aankleden en uitkleden.

Oefeningen
Het is van belang dat u uw vingers goed blijft bewegen in het gips. Knijp uw vingers 10 keer achter elkaar tot een flinke vuist. Strek daarna uw vingers weer volledig. Doe dit meerdere keren per dag.
Haal uw arm regelmatig uit de sling zodat u uw elleboog en schouder kunt bewegen.
Controle
Na zes weken komt u voor controle bij de zorgverlener.
Complicaties
Complicaties en risico's

Bij elke operatie kunnen problemen voorkomen. Dit noemen we complicaties. De meest voorkomende complicaties zijn:
Een nabloeding van de operatiewond
Een infectie van de wond. Soms is antibiotica nodig of moet de wond worden schoongemaakt
Het niet goed vastgroeien van de breuk
Schade aan pezen, zenuwen of bloedvaten in de hand. Dit gebeurt bijna nooit
Contact
Contact opnemen

Neem contact op met uw arts als:
Een bloeding niet stopt na 10 minuten drukken
U veel pijn heeft die niet minder wordt met pijnstillers
De wond rood, dik, pijnlijk is of pus heeft
U een dikke zwelling of koorts krijgt
U na 24 uur nog geen gevoel of beweging heeft in uw vingers, arm of schouder. Na 24 uur moet de verdoving uitgewerkt zijn.